support

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Engels

Uitspraak
enkelvoud meervoud
support supports

Zelfstandig naamwoord

support

  1. draagvlak
  2. steun
    «He had support from the opposition.»
    Hij kreeg steun van de oppositie.


vervoeging
onbepaalde wijs to support
he/she/it supports
verleden tijd supported
voltooid
deelwoord
supported
onvoltooid
deelwoord
supporting
gebiedende wijs support

Werkwoord

support

  1. ondersteunen
    «This beam supports de wall.»
    Deze balk ondersteunt de muur.
  2. steunen
    «He was not even supported by his own party.»
    Hij werd nog niet eens gesteund door zijn eigen partij.