streng
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- streng
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | streng | strengen |
| verkleinwoord | strengetje | strengetjes |
Zelfstandig naamwoord
- bundel van gewonden draden [1]
- draad met geregen steentjes, kralen e.d
- (medisch) orgaan of deel van een orgaan dat op een bundel draden lijkt
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | streng | strenger | strengst |
| verbogen | strenge | strengere | strengste |
Bijvoeglijk naamwoord
streng
- zonder ruimte voor tegenspraak [2]
- Zijn strenge houding zorgde eindelijk voor een gedragsverandering bij de kwajongen.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
1. zonder ruimte voor tegenspraak