sloffen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- slof·fen
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| sloffen |
slofte |
gesloft |
| zwak -t | volledig | |
Werkwoord
sloffen
- (inergatief) zodanig lopen dat de zool over de grond schuift
- (inergatief) (informeel) geluk hebben
Zelfstandig naamwoord
sloffen mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord slof