regenboog

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Een regenboog.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • re·gen·boog
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord regenboog regenbogen
verkleinwoord regenboogje regenboogjes

Zelfstandig naamwoord

regenboog m

  1. een natuurfenomeen dat na regen als een verschijnende veelkleurige boog te zien is
    Het uitzicht over het diepe dal was des te indrukwekkender omdat er een prachtige regenboog verscheen.
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie