proef

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • proef
enkelvoud meervoud
naamwoord proef proeven
verkleinwoord proefje proefjes

Zelfstandig naamwoord

proef v / m

  1. een onderzoek of test naar de juistheid, degelijkheid of waarheid.
  2. (natuurkunde), (scheikunde), (biologie) het verrichten van een handeling om een verschijnsel te achterhalen of zichtbaar te maken, proefneming, experiment
  3. een drukproef
Afgeleide begrippen

Werkwoord

vervoeging van
proeven

proef

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van proeven
    Ik proef.
  2. gebiedende wijs van proeven
    Proef!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van proeven
    Proef je?
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen