medio
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- me·dio
Bijwoord
medio
- ergens in het midden van iets, gewoonlijk een tijdvak of maand
- Vanaf medio september zal dat overal verkrijgbaar zijn.
Spaans
Uitspraak
- IPA: /ˈme.ðjo̞/
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| mannelijk | medio | medios |
| vrouwelijk | media | medias |
Woordafbreking
- me·dio
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| medio | medios |
Zelfstandig naamwoord
medio m
- midden, centrum, middelpunt
- middel, maatregel
- geldmiddelen (mv)
- por falta de medios
bij gebrek aan geldmiddelen
Bijvoeglijk naamwoord
medio
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| mediar |
medio
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van mediar.
Verwijzingen
- Real Academia Espanõla, Diccionario de la lengua española