midden

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mid·den
enkelvoud meervoud
naamwoord midden middens
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

midden o

  1. het centrale deel
    Hij schilderde het midden geel.
Vertalingen

Bijwoord

midden

  1. in het centrale deel
  • hij midden tussen de bloemen staan