lijken

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lij·ken
Woordherkomst en -opbouw
  • afkomstig van:
Middelnederlands: liken, geliken
Oudnederlands: līkon, gilīkon
Germaans: *galīkōnan
  • Verwant in Germaans:
West: Duits: gleichen, (Oudhoogduits: gilīhhon), Fries: lykje (Oudfries: līkia, bilīka, gilīkon)
Oost: Gotisch: galeikōn
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
lijken
leek
geleken
klasse 1 volledig

Werkwoord

lijken

  1. (absoluut) ~ op: uitzien als
    Dit lijkt op een geval van mazelen.
  2. (koppelwerkwoord) naar aanschijn zijn
    Dit lijkt fantastisch, maar bij nader aanzien valt het tegen.
Vaste voorzetsels
  • lijken op
Vertalingen

Zelfstandig naamwoord

lijken mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord lijk