bevallen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- be·val·len
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| bevallen /bə.'vɑ.lə(n)/ |
beviel /bə.'vil/ |
bevallen /bə.'vɑ.lə(n)/ |
| klasse 7 | volledig | |
Werkwoord
bevallen
- (ergatief) iets als aangenaam ervaren
- Die houding beviel hem geenszins.
- (ergatief) het leven schenken aan een kind
- Zij is thuis van een wolk van een zoon bevallen.
Synoniemen
Antoniemen
- [1] tegenvallen
Verwante begrippen
- [1] bevallig
Vertalingen
1. iets als aangenaam ervaren