kruispunt

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kruis·punt
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kruispunt kruispunten
verkleinwoord kruispuntje kruispuntjes

Zelfstandig naamwoord

kruispunt o

  1. een plaats waar twee of meer wegen elkaar kruisen, kruising, wegkruising
    Als u bij een kruispunt komt, slaat u links af en volgt u de borden.
  2. (figuurlijk) een ogenblik waarop een belangrijke beslissing moet genomen worden, cruciaal moment
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie