verkeer

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·keer
enkelvoud meervoud
naamwoord verkeer -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

verkeer o

  1. het geheel van verplaatsingen waarbij goederen of personen vervoerd worden
    Het verkeer op de A4 staat volledig vast.
Vertalingen

Meer informatie

Werkwoord

vervoeging van
verkeren

verkeer

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verkeren
    Ik verkeer.
  2. gebiedende wijs van verkeren
    Verkeer!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verkeren
    Verkeer je?
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen