kikker
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- kik·ker
Woordherkomst en -opbouw
- [1]: Een onomatopee van het geluid dat het dier maakt.
- [2]: Naar de vorm van [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | kikker | kikkers |
| verkleinwoord | kikkertje | kikkertjes |
Zelfstandig naamwoord
kikker m
- (amfibieën) gewerveld dier dat vier poten heeft maar geen staart
- De kikker gelijkt op de pad, maar is wel degelijk een ander dier.
- (scheepvaart), (molenaarsambacht) een dubbele haak ter bevestiging van een touw
Synoniemen
- [1]: (schrijftaal) kikvors
Verwante begrippen
Vertalingen
1. gewerveld dier dat vier poten heeft maar geen staart
2. een dubbele haak ter bevestiging van een touw
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Afrikaans
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | kikker | kikkers |
Zelfstandig naamwoord
kikker