knap
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Lettergrepen
- knap
Bijvoeglijk naamwoord
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | knap | knapper | knapst |
| verbogen | knappe | knappere | knapste |
knap ; verstandig knap ; mooi, aantrekkelijk
Vertalingen
Bijwoord
knap
- tamelijk, behoorlijk
- Dat vraagstuk is knap lastig.
Zelfstandig naamwoord
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | knap | knappen |
| verkleinwoord |
knap m
- een geluid alsof iets breekt
- Toen ik viel hoorde ik een knap omdat ik op een tak viel die in tweeën brak.
Werkwoord
knap
Engels
Uitspraak
| vervoeging | |
|---|---|
| onbepaalde wijs | to knap |
| he/she/it | knaps |
| verleden tijd | knapped |
| voltooid deelwoord |
knapped |
| onvoltooid deelwoord |
knapping |
Werkwoord
knap
- knappen; een brekend geluid maken.

