handler

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: Händler

Deens

Woordafbreking
  • hand·ler
Naar frequentie 583

Werkwoord

handler

  1. tegenwoordige tijd van handle

Zelfstandig naamwoord

handler, mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud van handel


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • hand·ler
Naar frequentie 702

Werkwoord

handler

  1. tegenwoordige tijd van handle
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   handler     handleren     handlere     handlerne  
genitief   handlers     handlerens     handleres     handlernes  

Zelfstandig naamwoord

  1. (beroep) handelaar, handelsman, koopman
  2. (beroep) handelaarster, koopvrouw
Synoniemen
Afgeleide begrippen