gezondheid
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: gezondheid (hulp, bestand)
Woordafbreking
- ge·zond·heid
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | gezondheid | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
gezondheid v
- (medisch) welbevinden, in goede staat zijn.
Verwante begrippen
Antoniemen
Vertalingen
1.