bron

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bron
enkelvoud meervoud
naamwoord bron bronnen
verkleinwoord bronnetje bronnetjes

Zelfstandig naamwoord

bron v/m

  1. daar waar men informatie vandaan haalt.
  2. het begin van een waterloop.
    De bron van een rivier is waar de rivier begint.
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen