bioscoop
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
Woordafbreking
- bi·os·coop
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | bioscoop | bioscopen |
| verkleinwoord | bioscoopje | bioscoopjes |
Zelfstandig naamwoord
bioscoop
- gebouw waarin mensen in stoelen naar een film geprojecteerd op een groot scherm kunnen kijken.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
- cinematografie, cinematografisch, cineast, filmwereld, filmhuis, het witte doek, projector, videotheek
Vertalingen
1. gebouw waarin mensen in stoelen naar een film geprojecteerd op een groot scherm kunnen kijken
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.