amusement
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- amu·se·ment
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | amusement | amusementen |
| verkleinwoord | amusementje | amusementjes |
Zelfstandig naamwoord
amusement o
- iets waarmee men zich vermaakt
- Wat een amusement was dat, zeg.
Vertalingen
1. iets waarmee men zich vermaakt
Engels
Uitspraak
- Geluid: amusement (VS) (hulp, bestand)
- IPA: /əˈmjuːzmənt/
Woordherkomst en -opbouw
- Afkomstig van het Franse werkwoord amuser.
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| amusement | ammunitions |
Zelfstandig naamwoord
amusement
- amusement, vermaak, vermakelijkheid, verstrooiing, vertier
- genoegen, genot, lust, plezier, pret
- hilariteit
Afgeleide begrippen
- amusement arcade (VK)
- amusement center (VS)
- amusement centre (VK)
- amusement hall
- amusement industry
- amusement park
- amusement quarter
- amusement ride
- amusement shares
- amusement tax
Verwante begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
- [1]: for amusement only
alleen voor amusement
- [1]: for amusement's sake
voor zijn amusement
- [1]: to provide amusement
amusement bieden
- [1]: For your amusement! (FYA)
Voor uw vermaak!
Typische woordcombinaties
- [1]: sufficient amusement
een voldoende amusement