adjudant
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ad·ju·dant
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | adjudant | adjudanten |
| verkleinwoord | adjudantje | adjudantjes |
Zelfstandig naamwoord
adjudant m
- (militair) een rang boven die van sergeant en sergeant-majoor
- Hij moest bij de adjudant komen.
- een persoonlijke helper van een hooggeplaatst persoon
- Gelukkig kon hij altijd op zijn adjudant rekenen.
Vertalingen
- Onderstaande vertalingen dienen nagekeken te worden en omgezet in de bovenstaande tabellen. Nummers na de vertalingen komen niet noodzakelijk overeen met de opgegeven definities. Voor meer uitleg zie WikiWoordenboek:Hoe vertalingen nakijken.