Abbildung

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Duits

Uitspraak
Woordafbreking
  • Ab·bil·dung
Woordherkomst en -opbouw
  • Substantivering van het stamwoord van het werkwoord abbilden met het achtervoegsel -ung

Zelfstandig naamwoord

Abbildung v

  1. (meervoud zelden; ook overdrachtelijk) afbeelding (het afbeelden)
    «Sie eignete sich nicht für eine Abbildung
    Zij was niet geschikt voor een afbeelding.
    «Die Erkenntnis beruht auf der Abbildung der objektiven Realität im Bewusstsein des Menschen[1]
    De erkenning is gebaseerd op de afbeelding van de objectieve realiteit in het bewustzijn van de mens.
  2. afbeelding (het afgebeelde)
    «Dieses Buch enthält zahlreiche Abbildungen
    Dit boek bevat talrijke afbeeldingen.
    «Die Abbildung zeigt eine Frau.»
    De afbeelding geeft een vrouw weer.
  3. (wiskunde) transformatie
    «Sei f: X \rightarrow Y eine Abbildung aus der Menge X in die Menge Y
    f: X \rightarrow Y is een transformatie van de verzameling X in de verzameling Y.
Verbuiging
Afkorting
Verwante begrippen
Hyperoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwijzingen
  1. Duden, Deutsches Universalwörterbuch, 6e, bewerkte en uitgebreide oplage, Dudenverlag Mannheim - Leipzig - Wien - Zürich, 2006. Pagina 78
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen