zonnewering

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zon·ne·we·ring
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zonnewering zonneweringen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

zonnewering v

  1. is iets dat tegen de zonnestraling beschermt en is de verzamelnaam voor allerlei constructies die de overlast van zonlicht en warmte ten gevolge van zonlicht moeten tegengaan.
    • Het gebouw krijgt een duurzaam, energiearm karakter. Zo zal de energie opgewekt worden middels zonnepanelen, wordt bij een warme dag door middel van zonnewering de temperatuur gereguleerd en wordt gewerkt met warmte- en koudeopslag.[1] 
    • "Jaloezie is geen haat, oom. Je bent gewoon jaloers. En dat begrijp ik. Je werkt al je hele leven in het familiebedrijf. Je verkoopt zonneweringen en rolluiken. Jouw generatie krijgt harde tepels van zekerheid. Het leiden van een zo risicoloos mogelijk bestaan. Jullie paradijs is een intens schaduwrijke plek."[2] 
    • De spijlen van de hekken werken als de lamellen van een zonnewering, je ziet er niets door. Bij wijze van proef zijn dinsdagmorgen enkele hekken weggehaald. Gemeente en ProRail fotografeerden en filmden hoe het zicht op verkeer op de brug was.[3] 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

92 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Reformatorisch Dagblad Gijsbert Wolvers 06-04-2016 Grootste overdekte mangrove ter wereld komt in Arnhem
  2. Het Parool JAMES WORTHY 20 APRIL 2017 Het is geen straf om doodgewoon te zijn
  3. Tubantia 09-09-14, Proef gevaarlijke spoorbrug Enschede