zo'n

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zo'n
Woordherkomst en -opbouw
  • Samentrekking van zo en een.

Aanwijzend voornaamwoord

zo'n enk

  1. van deze soort
    • Dat kun je van zo'n politicus verwachten. 
  2. ~ + hoofdtelwoord: ongeveer.
    • Er waren zo'n driehonderd personen naar het concert gekomen. 
Opmerkingen
  • Zo'n (zo een) kan alleen bij een telbaar woord in het enkelvoud. In het meervoud is het zulke.

Uitroepend voornaamwoord

zo'n

  1. wat een
    • Zo'n ellendeling! Je zou hem toch! 
Gelijkklinkende woorden

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.