werkmier

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • werk·mier
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord werkmier werkmieren
verkleinwoord werkmiertje werkmiertjes

Zelfstandig naamwoord

werkmier v / m

  1. ongevleugelde mier die o.a. het nest bouwt en de larven verzorgt
Vertalingen

Gangbaarheid

93 % van de Nederlanders;
91 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be