waterstraal

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wa·ter·straal
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord waterstraal waterstralen
verkleinwoord waterstraaltje waterstraaltjes

Zelfstandig naamwoord

waterstraal o

  1. Een dunne stroom water.
    • Uit de brandspuit komt een flinke waterstraal. 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.