verschieten

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·schie·ten
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verschieten
verschoot
verschoten
klasse 2 volledig

Werkwoord

verschieten

  1. ergatief bleker worden
    • Bij het horen van het onheilsbericht was hij van kleur verschoten. 
     Veel leuker, maar ook langzamer, is de Route Nationale 7. Veel sterker dan op de Autoroute ervaar je hoe het landschap langzaam van kleur verschiet, van het sappige groen van de Bourgogne naar het azuurblauw van de Méditerranée, via het droge geel van de Provence.[2]
  2. overgankelijk door oningehouden schieten vertijdig opmaken
    • Ze hadden de mooiste vuurpijlen al verschoten. 
Synoniemen

Zelfstandig naamwoord

verschieten mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord verschiet

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. verschieten op website: Etymologiebank.nl
  2. Bronlink Weblink bron Peter Giesen “Route Nationale 7, leuker dan de Route du Soleil” (30 juli 2014), de Volkskrant