uitgebreid

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • uit·ge·breid

Werkwoord

vervoeging van
uitbreiden

uitgebreid

  1. voltooid deelwoord van uitbreiden
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen uitgebreid uitgebreider uitgebreidst
verbogen uitgebreide uitgebreidere uitgebreidste
partitief uitgebreids uitgebreiders -

Bijvoeglijk naamwoord

uitgebreid

  1. groot
    De wijdlopige man vertelde weer een van zijn uitgebreide verhalen.
Synoniemen