trouwpak

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

trouwpak
Uitspraak
Woordafbreking
  • trouw·pak
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord trouwpak trouwpakken
verkleinwoord trouwpakje trouwpakjes

Zelfstandig naamwoord

trouwpak o

  1. (kleding) een bruidegomskostuum dat aan de trouwdag wordt gedragen
    • De bruidegom gaat op de dag van zijn huwelijk meestal gekleed in een speciaal trouwpak of trouwkostuum. 
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.