tritonshoorn
Uiterlijk
- Geluid: tritonshoorn (hulp, bestand)
- IPA: / ˈtritɔnsˌhorᵊn / (3 of 4 lettergrepen)
- tri·tons·hoorn
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | tritonshoorn | tritonshoornen tritonshoorns |
| verkleinwoord | - | - |
de tritonshoorn m
- (buikpotigen) buikpotig weekdier
- (muziekinstrument) de spiraalvormige schelp van voornoemd weekdier; er kan op worden geblazen om geluid voort te brengen
- Het woord tritonshoorn staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 12
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 of 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Invoegsel -s- in het Nederlands
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Buikpotigen in het Nederlands
- Weekdieren in het Nederlands
- Muziekinstrument in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal