tragar

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Spaans

Uitspraak
Woordafbreking
  • tra·gar
stamtijd
infinitief verleden
tijd
voltooid
deelwoord
tragar
tragaba
tragado
volledig

Werkwoord

tragar

  1. (overgankelijk) slikken, doorslikken, inslikken
  2. opslokken, verslinden
Verwijzingen