inslikken

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·slik·ken
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
inslikken
slikte in
ingeslikt
zwak -t volledig

Werkwoord

inslikken

  1. overgankelijk iets door de keel de slokdarm in doen bewegen
    • Deze capsules moeten in hun geheel ingeslikt worden. 
    • Amerikaanse onderzoekers ontwikkelden daarvoor een paraplupil die opgevouwen in een capsule ingeslikt kan worden. Eenmaal in de maag, klapt de pil uit tot een zesarmige ster, waardoor hij zo groot is dat hij niet het darmkanaal in kan.[1] 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. NRC Sander Voormolen 10 januari 2018 Alle medicijnen in één pil