toegewijd

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • toe·ge·wijd

Werkwoord

vervoeging van
toewijden

toegewijd

  1. voltooid deelwoord van toewijden
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen toegewijd toegewijder toegewijdst
verbogen toegewijde toegewijdere toegewijdste
partitief toegewijds toegewijders -

Bijvoeglijk naamwoord

toegewijd

  1. met veel zorg een aandacht
    • De toegewijde arts stond dag en nacht klaar voor haar patiënten. 
    • De toegewijde docente was ook haar vrije tijd nog bezig met werkzaamheden voor school. 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.