toewijden

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • toe·wij·den
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
toewijden
wijdde toe
toegewijd
zwak -d volledig

Werkwoord

toewijden

  1. ergens met grote zorg aandacht aan besteden en zich voor geven
  2. ergens aan wijden
Afgeleide begrippen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.