tenietgaan

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • te·niet·gaan
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
tenietgaan
ging teniet
tenietgegaan
klasse 7 volledig

Werkwoord

tenietgaan

  1. ergatief ophouden te bestaan
    • De geboekte winst is weer geheel tenietgegaan. 
Vertalingen

Gangbaarheid

85 % van de Nederlanders;
88 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be