superster

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • su·per·ster
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord superster supersterren
verkleinwoord supersterretje supersterretjes

Zelfstandig naamwoord

superster v/m

  1. iemand die heel beroemd en populair is
    • Voetballers en artiesten voelen zich soms eerder een superster dan ze in werkelijk zijn. 
    • Als er supersterren bestaan, dan is Johan Cruijff er zeker één van. 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.