Naar inhoud springen

suikerklontje

Uit WikiWoordenboek
1. blokvormig stukje kristalsuiker
  • sui·ker·klont·je
enkelvoud meervoud
naamwoord (suikerklont) * (suikerklonten) *
verkleinwoord suikerklontje suikerklontjes

hetsuikerklontjeo

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord suikerklont, (voeding) blokvormig stukje kristalsuiker
    • De zoetekouw deed vijf suikerklontjes in zijn kopje koffie. 
  • Dit verkleinwoord is de gangbare vorm.
100 %van de Nederlanders;
100 %van de Vlamingen.[3]