stemmingmakerij

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stem·ming·ma·ke·rij
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord stemmingmakerij stemmingmakerijen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

stemmingmakerij v

  1. het opjutten van een groepering met een bepaald doel
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
79 % van de Vlamingen.