steilheid

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • steil·heid
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord steilheid steilheden
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

steilheid v

  1. het steil zijn
Vertalingen

Gangbaarheid

86 % van de Nederlanders;
75 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be