stadium

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: stadion

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sta·di·um
Woordherkomst en -opbouw
  • van het Latijn met het achtervoegsel -ium [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord stadium stadia
stadiums
verkleinwoord stadiumpje stadiumpjes

Zelfstandig naamwoord

stadium o

  1. een fase in een ontwikkelingsproces
    • Een nieuw stadium in de menselijke evolutie. 
  2. een lengtemaat uit de Griekse oudheid
Hyponiemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl