spekzak

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • spek·zak
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord spekzak spekzakken
verkleinwoord spekzakje spekzakjes

Zelfstandig naamwoord

spekzak m

  1. linnen zak waarin de militaire uitrusting van een verlofganger zit
    • Spekzak, (mil.), verlofgangerszak, linnen zak, waarmede de verlofgangers ‘speksie’ (verbastering van inspectie) moeten maken. [1] 
Verwante begrippen

Gangbaarheid

84 % van de Nederlanders;
71 % van de Vlamingen.


Verwijzingen

  1. (1993)–Taco H. de Beer, Eliza Laurillard Woordenschat, verklaring van woorden en uitdrukkingen