speklaag

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • spek·laag
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord speklaag speklagen
verkleinwoord speklaagje speklaagjes

Zelfstandig naamwoord

speklaag v/m

  1. (bouwkunde) een lichte band van natuur- of baksteen ter afwisseling in metselwerk van baksteen
    • De speklagen gaven het huis een sprekend karakter. 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie