slacks

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • slacks
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

slacks mv

  1. (kleding) nette lange broek die geen onderdeel uitmaakt van een compleet kostuum, maar naar wens met jasjes of bloesjes kan worden gecombineerd
     En behalve dat er twee pijpen aan zitten, valt er over de nieuwe broek niets eenduidigs te melden. De bladen mogen beweren dat 'heupbroeken' het helemaal zijn, in de winkels vind je hoog gesloten Capri slacks (met een rits opzij en smal toelopende pijpen) naast veredelde skibroeken en laaghangende kostuumbroeken met een vouw of een omslag.[1]
Hyperoniemen

Gangbaarheid

22 % van de Nederlanders;
30 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 21 april 2020 Weblink bron Hester Carvalho “Wintermode tussen spannend en smakeloos; Als het maar vloekt” (29 augustus 1996) op nrc.nl
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be