schijnbaar

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • schijn·baar
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen schijnbaar schijnbaarder schijnbaarst
verbogen schijnbare schijnbaardere schijnbaarste
partitief schijnbaars schijnbaarders -

Bijvoeglijk naamwoord

schijnbaar

  1. naar het zich laat aanzien
    Het schijnbaar verdwijnen van de zon tijdens een verduistering betekent niet dat de maan even groot is.
Vertalingen