rijpen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • rij·pen
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van rijp met het achtervoegsel -en
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
rijpen
rijpte
gerijpt
zwak -t volledig

Werkwoord

rijpen

  1. rijp worden
  2. zich ontwikkelen
Vertalingen

Meer informatie