reuzenrad

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Een reuzenrad in een pretpark.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • reu·zen·rad
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord reuzenrad reuzenraderen
reuzenraden
verkleinwoord reuzenradje reuzenradjes

Zelfstandig naamwoord

reuzenrad o

  1. kermisattractie met zitplaatsen die gelijkmatig rondom aan een huizenhoog wiel hangen dat draait om een horizontale as
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie