ravijn

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

brug over een ravijn
Uitspraak
Woordafbreking
  • ra·vijn
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘bergkloof’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1852 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord ravijn ravijnen
verkleinwoord ravijntje ravijntjes

Zelfstandig naamwoord

ravijn o

  1. een diepe, steile insnijding in een terrein
    • Pas op dat je niet in het ravijn valt! 
     Ze besloten zich vanaf een plateau in een meertje te storten. In werkelijkheid kunnen ze alleen maar wadend in de troebele poel hun dood tegemoet zijn gelopen - een nabij ravijn is nergens te bekennen.[2]
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen