quantum

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • quan·tum
enkelvoud meervoud
naamwoord quantum quanta
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

quantum o

  1. (natuurkunde) de kleinste natuurlijke eenheid die in onze kosmos voorkomt
Schrijfwijzen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Gangbaarheid


Engels

Naar frequentie 6317
Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Latijnse bijvoeglijke naamwoord quantum (de onzijdige vorm enkelvoud van quantus.
enkelvoud meervoud
quantum quanta

Zelfstandig naamwoord

quantum

  1. kwantum (een vastgestelde hoeveelheid)
  2. (natuurkunde) kwantum, quantum (een ondeelbare hoeveelheid van een grootheid)
  3. (scheikunde) kwantum
Afgeleide begrippen