plissérok

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

plissérok
Uitspraak
Woordafbreking
  • plis·sé·rok
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord plissérok plissérokken
verkleinwoord plissérokje plissérokjes

Zelfstandig naamwoord

plissérok m

  1. (kleding) geplooide rok
    • De oranje jurk heeft een omslag bij de borst, is knielang en heeft een plissérok: heel hip dit jaar. Om haar slanke taille te benadrukken, draagt ze een goudkleurige ceintuur. Daarmee laat ze zien dat oranje en goud heel goed combineren: het zijn twee warme kleuren die de mooie tinten in elkaar naar boven halen. [1] 
    • En wie kent de plissérok nog? Volgens College Style is dit model weer terug van weggeweest, in verschillende lengtes en stoffen. Hoe zo’n hip rokje te combineren? „Draag er een coltruitje op, of een mooie top met een korte blazer.” Als trendkleuren signaleren ze bij College Style geel en groentinten. [2] 
Synoniemen

Gangbaarheid

81 % van de Nederlanders;
79 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. De Telegraaf 26 apr. 2017 Zo draag jij ook oranje à la Máxima
  2. Reformatorisch Dagblad Annemieke van den Berg 20-03-2017 Hij een gilet, zij de fedora