piĉo

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Esperanto

Uitspraak
  • IPA: /ˈpitʃo/
  enkelvoud meervoud
nominatief   piĉo     piĉoj  
accusatief   piĉon     piĉojn  

Zelfstandig naamwoord

piĉo

  1. (vulgair) kut