pais

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: país

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pais
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘vrede’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1265 [1]
  • van Middelnederlands pais [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord pais
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

pais v/m [3]

  1. toestand van rust en vrede
Uitdrukkingen en gezegden
  • pais en vree
vrede
  • Alles lijkt pais en vree in idyllisch Odessa [4]
Anagrammen

Gangbaarheid

62 % van de Nederlanders;
19 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen


Middelnederlands

Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

pais m (soms v)

  1. toestand van rust en vrede
Overerving en ontlening

Verwijzingen


Oudfrans

Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

pais

  1. toestand van rust en vrede
Overerving en ontlening

Verwijzingen