ontroerd
Uiterlijk
- ont·roerd
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | ontroerd | ontroerder | ontroerdst |
| verbogen | ontroerde | ontroerdere | ontroerdste |
| partitief | ontroerds | ontroerders | - |
ontroerd
- een staat waarin een persoon verkeert als iets hem of haar emotioneel geraakt heeft
1. een staat waarin een persoon verkeert als iets hem of haar emotioneel geraakt heeft
| vervoeging van: | ontroeren… |
| verbogen vorm: | ontroerde |
ontroerd
- Het woord ontroerd staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "ontroerd" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
| 100 % | van de Vlamingen.[3] |
- ↑ ontroerd op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Tim Voors“Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers

- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Voltooid deelwoord met alleen -d
- Bijvoeglijk naamwoord in het Nederlands
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 100 %
- Prevalentie Vlaanderen 100 %